PDF PDF Print

Palmpasen 2

  
20 
De intocht in Jeruzalem
 
Er woonde dicht bij Bethanië een kleine jongen.
Zijn vader had een wit ezeltje en de jongen vroeg vaak:
"Wanneer mag ik nou eens op het ezeltje rijden?"
Maar dan schudde zijn vader het hoofd.
"Nog niet", zei hij en daar bleef het bij.
De jongen was erg trots op het ezeltje, niemand had er zo een.
Je begrijpt dus hoe hij schrok toen hij op een keer de stal in kwam en twee mannen zag,
die het ezeltje aan het losmaken waren.
"Vader!" riep hij, "er zijn twee mannen die ons ezeltje willen stelen!"
"Waarom maken jullie het los?" vroeg de vader.
"de Heer heeft het nodig!" zei een van hen.
Toen zei de vader: "Dan is het goed" en de mannen gingen weg met het ezeltje tussen hen in.
De jongen keek zijn vader verbaasd aan en vroeg; "Wie is die Heer?"
"Dat is de Bevrijder op wie we allemaal wachten.
Hij rijdt op een ezel en niet op een paard,
want Hij komt niet om te vechten, maar om ons de vrede  te brengen!"
Jezus was die Heer. Hij had de mannen gezegd dat zij het ezeltje moesten gaan halen.
En die twee mannen waren leerlingen van Jezus.
Toen ze bij Jezus aankwamen, legden ze hun mantels over de rug van het ezeltje en hielpen Hem erop.
Overal op de weg naar Jeruzalem stonden mensen Hem op te wachten.
Als ze Hem zagen, legden ze hun kleren midden op de weg, zodat het ezeltje er zacht overheen kon lopen.
De mensen zagen in Jezus hun Koning. Ook braken ze takken van de palmbomen af en zwaaiden ermee.
Wat was iedereen blij toen Jezus en zijn leerlingen Jeruzalem binnen kwamen.
De mensen, omdat zij in Jezus de Bevrijder zagen;
de leerlingen, omdat zij dachten:"Nu begrijpen ze eindelijk wie Hij is!"
Maar Jezus huilde toen hij de mensen hoorde juichen, want Hij wist wat er zou gebeuren. 

Reacties: Geen berichten
De reageermogelijkheid is momenteel gesloten.
Geloofsgemeenschap St. Franciscus Xaverius - 't Zand 31, 3811 GB Amersfoort.
Voor alle vragen: Inge Schultinga, secretariaat werkdagen van 9.00-12.00 u. tel 033 4721705, verder via een antwoordapparaat of 
email