22 februari 2021

‘Tijd om het anker van de ziel uit te werpen’

Brief voor de Veertigdagentijd 2021 van Willem Jacobus kardinaal Eijk, aartsbisschop van Utrecht

‘Tijd om het anker van de ziel uit te werpen’ 

Brief voor de Veertigdagentijd 2021 

 Willem Jacobus kardinaal Eijk, aartsbisschop van Utrecht 

Broeders en zusters in Christus Jezus onze Heer, 

We leven in zware tijden. Onze samenleving is tijdens de coronaviruspandemie op drift  geraakt. Terwijl de tweede golf van besmettingen nog niet eens voorbij is, zien we al een  derde golf op ons afkomen. Het blijft voorlopig ‘alle hens aan dek’. Ook het kerkelijk leven  lijdt ernstig onder deze pandemie. Vorig jaar waren onze kerkgebouwen enkele maanden niet  toegankelijk voor publieke vieringen. Daarna was er stapsgewijs meer mogelijk, volgens een  strikt protocol, momenteel geldt een maximum van dertig aanwezigen bij een viering.  In deze onwerkelijke, want bizarre, werkelijkheid begint met Aswoensdag de  Veertigdagentijd waarin wij ons voorbereiden op het hoogfeest van Pasen. Van oudsher  vraagt de Veertigdagentijd ons om innerlijk ‘voor anker te gaan’, dat wil zeggen: het is een  periode van verstilling, bezinning en onthouding. Onthouding kan in de huidige  omstandigheden een overbodige oproep lijken: we leven immers in een tijd waarin we ons al  van zoveel dingen moeten onthouden: het (openbare) leven ligt grotendeels stil. Veel scholen  zijn dicht, bijeenkomsten zijn afgelast, winkels zijn gesloten, de mogelijkheid om op bezoek  te gaan of bezoek te ontvangen is zeer beperkt, mensen werken zoveel mogelijk thuis. Velen  vrezen voor hun baan, werk of bedrijf. Anderen werden en worden nog steeds ernstig ziek  door het coronavirus of verloren een dierbare aan deze ziekte. Er heerst verdriet, gemis,  eenzaamheid, onzekerheid, niet in de laatste plaats ook bij veel kinderen en jongeren. Hoe  vinden we in die omstandigheden de houding van bekering naar God, waartoe de  Veertigdagentijd ons oproept? 

Het is goed om ons te realiseren dat wie in de Veertigdagentijd innerlijk ‘voor anker gaat’,  niet alleen kiest voor een periode van verstilling maar met dat anker ook zijn hoop vestigt.  Het anker is immers het christelijke symbool van de hoop en onze hoop is gevestigd op de  Heer: “De hoop is het veilige en vaste anker van onze ziel. Zij dringt door binnen het  

heiligdom, waar Jezus voor ons als voorloper is binnengegaan …” (Hebr. 6,19-20). Kortom:  het ankerpunt van de hoop is niets minder dan de Hemel. Jezus leeft, Hij is waarlijk verrezen: dat is de boodschap van Pasen. En Hij wil ons in de verrijzenis laten delen: deze begint bij het  doopsel en vindt zijn voltooiing bij onze verrijzenis op het eind der tijden en bij ons eeuwig  leven in Gods Vaderhuis, als wij Hem volgen. Op de Hemel richten we onze hoop. Dat Jezus  deze hoop verwezenlijkte door zijn Kruisdood en verrijzenis, vieren we op Witte Donderdag,  Goede Vrijdag en Pasen. Daar leven we vanaf Aswoensdag veertig dagen lang naar toe.  Daartoe is het belangrijk om ruimte en tijd vrij te maken voor onze relatie met de Heer. Het is  bekend: het moet in een relatie van twee kanten komen. Welnu, aan de Drie-ene God zal het  niet liggen. God kijkt naar ons uit, ook als we jaren dwalen voordat we bij Hem thuiskomen  (vgl. de parabel van de verloren zoon, Lc. 15,11-32). Gods Zoon gaat actief op zoek naar ons  en overbrugt de afstand die er tussen Hem en ons bestaat. Zoals toen Jezus in Jericho in een  boom de rijke belastingambtenaar Zacheüs ontwaarde: “Toen Jezus bij de plaats kwam, keek  Hij omhoog en zei tot hem: ‘Zacheüs, klim vlug naar beneden, want vandaag moet ik in Uw huis te gast zijn.’ Zacheüs kwam snel naar beneden en ontving Hem vol blijdschap” (Lc. 19,5- 6). En de Heilige Geest waait als instrument van bekering en brenger van troost en hulp  waarheen Hij wil (vgl. Joh. 3,8). Het is aan ons om de Heilige Geest in ons toe te laten en Zijn  zuiverende werk te laten doen.

Wij op onze beurt kunnen God in de  

Veertigdagentijd naderen in ons gebed. We  bevinden ons daarbij in goed gezelschap. Zo  reisde de profeet Elia veertig dagen naar de berg,  waarop God aan hem zou verschijnen (1 Kon.  19,1-18). En Jezus trok zich veertig dagen terug  in de woestijn, om zich daar vastend en biddend  voor te bereiden op Zijn zending (Lc. 4,1-13).  Ook tijdens Zijn openbare leven zocht Jezus de  eenzaamheid om te bidden (Lc. 5,16) en op de  Olijfberg, toen Zijn arrestatie aanstaande was, bad  Hij intens tot Zijn Vader (Lc. 22,39-46). Zoals  Christus Zijn boodschap van hoop en liefde voor  ons heeft achterlaten, zo kunnen wij in gebed  onze boodschap bij Hem achterlaten, in het  vertrouwen dat Hij luistert.  

Ook onze angsten, mislukkingen en  

teleurstellingen kunnen we in deze biddende  dialoog bij Hem neerleggen. Daaraan hebben we  in deze onzekere tijden misschien wel extra  behoefte. “Verspil nooit een goede crisis” (Never  waste a good crisis) is een advies van Winston  Churchill dat we op ons eigen biddende leven  kunnen toepassen. De coronacrisis heeft  aangetoond dat de wereld minder maakbaar is dan  velen dachten. Ook de maakbaarheid van ons  eigen leven blijkt beperkt. We zijn geneigd onze  successen te benadrukken, terwijl we vergeten dat  we slechts woekeren met de talenten die we  ontvangen hebben (vgl. Mt. 25,14-30). We  moeten naar vermogen werken, maar kunnen  onszelf niet gelijkschakelen aan het resultaat:  “Wat heb je dat je niet gekregen hebt? En als je  alles cadeau gekregen hebt, waarom die drukte  alsof alles van jezelf kwam?” (1 Kor. 4,7). De  coronaviruspandemie drukt ons met onze neus op  de feiten. 

God vraagt ons Zijn liefde zonder voorbehoud te  beantwoorden en Hij doet daartoe ook  uitdrukkelijk een beroep op ons: “Gij zult de Heer  uw God beminnen met geheel uw hart, geheel uw  ziel, geheel uw verstand en geheel uw kracht. Het  tweede is dit: Gij zult uw naaste beminnen als  uzelf. Er is geen ander gebod voornamer dan deze  

 

Het anker van onze hoop 

In de Oudchristelijke tijd werd het kruis van  Christus niet als martelwerktuig verbeeld, maar  als teken van hoop, redding en overwinning.  Immers, Christus heeft door het kruis de dood  voor ons overwonnen. Eén van de oudste  voorbeelden daarvan is te zien op een grafplaat  in de catacomben van Domitilla te Rome uit de  3de eeuw.  

Het betreft een grafplaat van een christelijke  vrouw met de naam Antonia. Het kruis is  verwerkt in een anker. Boven de dwarsbalk van  het kruis-anker is de Griekse letter phi te lezen: dat is de eerste letter van het Griekse phoos dat  licht betekent. Boven de rechter vis is eveneens  het kruis te zien met daarin de phi. Dat kruis rust  op een andere Griekse letter: lambda van logos.  Dat betekent woord. Licht en woord tezamen  verwijzen naar Christus. Johannes de evangelist  schrijft immers over Hem: “In het begin was het  Woord … In Hem was leven, en dat leven was het  licht der mensen. En het licht schijnt in de  duisternis” (Joh. 1).  

Hoofdmotief van deze grafplaat is het kruis-anker  als symbool voor onze redding dankzij de dood  en verrijzenis van Christus. De vissen aan het  kruis-anker symboliseren de christenen die door  het water van de Doop met Christus begraven  zijn, om met Hem te verrijzen (Rom. 6). 

In heel de symboliek van deze grafplaat wordt  aangeduid: per crucem ad lucem – door het kruis  naar het licht

Dat kruis is het anker van onze hoop.

twee” (Mc. 12,30-31). Dit tweede gebod is tijdens deze coronacrisis extra urgent. Want in het  kielzog van de coronaviruspandemie is een tweede pandemie gaande: de groeiende  eenzaamheid. Deze treft zowel ouderen als jongeren. Eenzaamheid doet niet aan  leeftijdsdiscriminatie, alle generaties lijden onder het wegvallen van sociale contacten. Nu al  doen veel gelovigen in onze parochies hun uiterste best om mensen nabij te zijn. Ik roep  iedereen op dit te blijven doen, ook na deze crisis. Niet iedereen zal op eigen kracht uit zijn  

isolement kunnen komen. En de realiteit is dat de toegenomen schermtijd via computer en  telefoon geen volwaardige vervanger is voor echt contact.  

Dat laatste geldt ook voor de vieringen, die in deze coronatijd veelvuldig via een livestream  zijn te volgen. Dit is een belangrijk hulpmiddel, maar geen blijvend alternatief. Want hoewel  we in gebed tot Christus kunnen naderen, overbrugt Hij de afstand tot ons pas totaal in de  Eucharistie die we ontvangen. In de Eucharistie worden we eenvormig met Christus. Paus  Franciscus wees op 3 februari jl. tijdens zijn wekelijkse catechese op het belang van de  liturgie. Hij zei: “De liturgie is een daad die de hele christelijke ervaring en dus ook het gebed  grondvest. Het is een gebeurtenis, het gebeurt, het is aanwezigheid, het is een ontmoeting. Het  is een ontmoeting met Christus. Christus stelt zichzelf aanwezig in de Heilige Geest door  middel van de sacramentele tekenen: vandaar de noodzaak voor ons christenen om deel te  nemen aan de goddelijke mysteries. Een christendom zonder liturgie, durf ik te zeggen, is  misschien een christendom zonder Christus.” 

Daarom mijn oproep: probeer waar mogelijk in deze coronatijd de Eucharistieviering bij te  wonen, evenals andere bijenkomsten van liturgie en gebed, waaronder de aanbidding van het  Allerheiligst Sacrament om in stilte bij onze Heer Jezus te verwijlen, en om na deze crisis de  zondagse kerkgang te hernemen. Christus kijkt naar ons uit! 

Naast de twee genoemde pandemieën zou ik ten slotte op nog een pandemie willen wijzen die  in West-Europa al decennialang woekert: die van de massale geloofsafval. Hierdoor hebben  de meeste West-Europeanen het veilige en vaste anker van hun ziel losgelaten. De  Veertigdagentijd en de coronaviruspandemie, die duidelijk maakt dat we ons leven toch niet  zo in eigen hand hebben als we dachten, kunnen ons helpen dat anker voor de ziel met zijn  ankerpunt in de Hemel terug te vinden. Hier geldt helemaal: never waste a good crisis.  

Broeders en zusters, we hebben in Nederland momenteel een gezamenlijke tunnelvisie. Die  tunnel is de coronacrisis en het licht aan het eind ervan zijn de vaccins. Wij christenen delen  in die hoop maar richten in de Veertigdagentijd onze hoop op nóg een licht: het eeuwig licht  

van Pasen, van oudsher gesymboliseerd door het Paasvuur dat in de Paasnacht wordt  ontstoken en de daaraan ontstoken paaskaars, het symbool van de Verrezen Christus. In dat  licht wens ik u allen veel kracht en vooral hoop toe in deze moeilijke tijden en een vruchtbare  voorbereiding op het hoogfeest van Pasen.  

In gebed verbonden, 

+ Willem Jacobus kardinaal Eijk, 

Aartsbisschop van Utrecht 

Utrecht, Aswoensdag 17 februari 2021

 

Geloofsgemeenschap St. Franciscus Xaverius - 't Zand 31, 3811 GB Amersfoort.
Bereikbaar iedere werkdag van 9.00-12.00 u. tel 033 4721705, of 
email.
Voor dringende pastorale zorg kunt u bellen naar: 06-57541222.