Overweging zondag 6 juni 2021 door Adriaan van Es

Mens uit God            

Overweging 6 juni 2021                                                                                Adriaan van Es

 

Kinderen kunnen heel fundamentele vragen stellen. U kent ze wel als ouder of als grootouder: ‘waar was ik voor ik geboren werd?’, ‘waar was ik voordat ik in mama’s buik was?’, ..…dat soort vragen. Toen het joodse volk in ballingschap leefde in Babylon, ver weg van het Jerusalem waar ze vandaan kwamen en naar terug verlangden, leefde ook dat soort vragen: waar komen we vandaan, hoe zat het met de schepping? Ze droomden de ballingen over het verloren Kanaän. En over het verloren paradijs… het was er goed…. wat was er dan gebeurd?

In Genesis hebben de eerste mensen nog geen eigen, individuele naam; ze worden Iesj en Iesja genoemd.  Wat hebben zij gedaan dat het zo slecht afloopt? Probeerde de mens als God te leven? In plaats van uit God en voor God?

Over die vraag werd veel nagedacht, en nog steeds. Moeten we denken dat alles eerst goed was, totdat de eerste mensen het voor altijd verziekte? En dat daarmee de ‘erfzonde’ begon, waarmee we in 20 eeuwen christendom mee doodgegooid zijn, vooral de vrouwen als verleidsters en schuldigen van de erfzonde? Zo is het ons eeuwenlang voorgehouden…. In het jodendom bestaat de erfzonde helemaal niet, en die staat ook helemaal niet in de Bijbel… het is een concept van kerkvaders.

Lijden en dood zitten al vanaf het begin de schepping, en het kwaad gaat niet buiten God om, Hij schiep ook de slang. En de eerste mensen zijn geen willoze slachtoffers, ze zijn zelf verantwoordelijk. Ze laten zich verleiden om toch dat wat van God is tot zich te nemen, ze zoeken de grens op… hoe menselijk is dat! Iesja neemt van de verboden vrucht, Iesj is getuige en volgt haar. Dan ontdekken zij hun naaktheid, ze zijn hun onbevangenheid kwijt, en ze schamen zich voor God, voor het eerst. ‘Mens, waar ben je?’ Vraagt God …. vervolgens verbergt de man zich achter de vrouw, die de schuld van verleiding doorgeeft aan de slang. We lezen dan over de gevolgen die dit heeft voor de mens. God vervloekt de slang en voorspelt een harde toekomst voor de mens. Hij schetst hoe het leven van de mens eruit zal komen te zien, in beelden die voor de ballingen in Babylon realiteit waren: ‘Ik zal de lasten van jouw zwangerschap zeer zwaar maken: met pijn zul je kinderen baren’; en ‘de grond vervloekt zijn omwille van jou! Zwoegend zul je van hem eten, alle dagen van je leven… In het zweet zul je werken voor je brood….’, zo lezen we verderop in Genesis. Een harde straf? Er is een oude legende  die dit vertelt: toen God tegen de man zei dat hij in het zweet des aanschijns brood zou eten, hij tegen zijn vrouw zei ‘hoor je dat, vrouw? We krijgen toch brood’. En dat toen God tegen de vrouw zei dat zij met smart kinderen zou baren, de vrouw tegen haar man zei ‘hoor je dat, man, we krijgen kinderen’. En verderop staat hoe een zorgzame God ‘kleren maakte van huiden voor de mens en zijn vrouw en hen ermee kleedde. Hij nam daarmee hun naaktheid en schaamte weg, en hun angst om voor Hem te verschijnen. Ook behoedde God de mens voor verdere pogingen om als God te worden door hen de toegang tot de boom van het leven te ontzeggen. God zette cherubs in als bewakers van de boom des levens.

Een intens en ontroerend verhaal over de menswording en de relatie tussen God en mens, toen en nu. Geen erfzonde krijgt de mens mee, maar vrijheid van keuze tussen goed en kwaad, en verantwoordelijkheid voor de schepping. Want over Zijn schepping zei God dat Hij ‘zag dat het goed was.’ Niet ALS God is de mens, maar UIT God en VOOR God.

Geen Iesj en Iesja meer, maar mensen met namen: Adam en Eva, moeder van  alle levenden.

Verantwoordelijkheid, ook voor de schepping. Hoe actueel is dat, juist nu! Wij hebben een onvoorstelbaar grote verantwoordelijkheid om de schepping te redden, CO2 uitstoot terug te brengen, stoppen met uitbuiten van dieren, stoppen met exploiteren van natuur voor eigen gewin.

 

Ook in het Evangelie lezen we over mens-zijn uit God en voor God. Jezus leeft vanuit de wet, legt grote nadruk op de liefde en gaat tot het uiterste. Hij omarmt mensen aan de grens van de maatschappij: hij gaat om met hoeren en tollenaars, en hij is intens begaan met zieken en voelt hun lijden. Dat gaat vaak heel ver, onder andere in onze lezing. Hij is helemaal in beslag genomen door de zorg voor de mensen, vooral zieke mensen. Dat hij dat deed, werd snel bekend, en er was een enorme toeloop van mensen, zo zelfs, dat Jezus en de discipelen zelfs niet meer konden eten. De familie van Jezus maakt zich ongerust en is uit Nazareth gekomen om hem mee te nemen; Schriftgeleerden waren gekomen en zeiden dat hij door de duivel bezeten was, ‘Het is door de opperdemon dat Hij de demonen uitdrijft.’ Tegenwoordig zouden we zeggen: hij is gek geworden, een gevaar voor zichzelf en de omgeving, en zou hij onder dwang opgenomen en weggevoerd worden, ontoerekeningsvatbaar verklaard door een specialist.

Maar Jezus doorziet de tegenstrijdigheid van de schriftgeleerden: ‘Hoe kan de satan de satan uitdrijven?’, een geniaal antwoord, koekje van eigen deeg. En Jezus houdt stand. Hij blijft solidair met zijn mensen, verlaat ze niet. Dat is een fundamentele keuze van Hem. En een voorbeeld voor ons. Ook kiest hij voor geestverwantschap in plaats van bloedverwantschap. Er staat: ‘Kijk, uw moeder en uw broers en uw zusters daarbuiten zoeken U.’ Hij antwoordde hen: ‘Wie zijn mijn moeder en mijn broers?’  Hij liet zijn blik langs de mensen gaan die in een kring om Hem heen zaten en zei: ‘Kijk, hier zijn mijn moeder en mijn broers. Want wie de wil doet van God, die is mijn broer en mijn zuster en mijn moeder.’ Niet voor bloedverwantschap kiest Hij, maar voor geestverwantschap, geestverwantschap met hen die de wil van God doen. Jezus leefde ons voor een mens te zijn UIT God, voor ons een inspiratie en een uitdaging.

Laten wij toch die uitdaging aannemen!

Amen

 

 

Geloofsgemeenschap St. Franciscus Xaverius - 't Zand 31, 3811 GB Amersfoort.
Bereikbaar iedere werkdag van 9.00-12.00 u. tel 033 4721705, of 
email.
Voor dringende pastorale zorg kunt u bellen naar: 06-57541222.